Onderweg
11-06-2002
Het is dinsdag, 9 uur, de dag van vertrek. Wouter duikt voor
de laatste keer het internetcafé in om de laatste updates op het web te zetten.
De eigenaar is zo vriendelijk om Wout zijn eigen laptop op het net te laten
aansluiten waardoor het makkelijk is om webmaster te spelen. Anne slaapt lekker
uit nu het nog kan.
Om 12 uur pakken we onze zut in. Nog een keer de stad in om geld te wisselen en
wat rond te lummelen. Dan is het zover. Met de collectivo naar het
busstation.
We weten nog niet precies waar we stranden maar dat het de grens van Guatemala
voorbijgaat is zeker. De bus zal om ongeveer 8 uur bij de grens aankomen.
Onderweg luisteren we wat naar muziek op onze diskmannen want wat de
buschauffeur op heeft staan is te vreselijk voor woorden. Na een half uurtje
stoppen we plotseling. Wat blijkt: er is een plaatsnaam bord ingestort en dat
ligt nu over de hele breedte van de weg. Er moet een takelwagen aan te pas komen
om het ding weg te slepen. Met de nodige vertraging vervolgen we onze
reis.
In de bussen zitten gelukkig toiletten waar Anne dankbaar
gebruik van maakt. Alleen er weer uit komen geeft de nodige consternatie. Wout
moet in actie komen om Anne weer uit de plee te bevrijden.
Om 21 uur komen we aan in Cuauhtémoc, de grensplaats. Na uitgestapt te zijn
worden we direct aangeklampt door een mannetje dat ons een overnachting in het
grenshotel wil aansmeren. Volgens hem gaat de eerste bus Guatemala in pas om 6
uur 's morgens. We laten ons niets aansmeren en gaan op onderzoek uit. Er blijkt
een bus te gaan om 2 uur 's nachts. We vervoegen ons bij de immigratiedienst
waar we horen dat er om 23 uur ook een bus zal vertrekken. Met een gammele taxi
(grafbak) worden we over een stukje niemandsland naar de Guatemalteekse
grensovergang gereden. Smachtend naar koffie lozen we onze bagage in de bus en
gaan aan de overkant in een hutje, wat dienst doet als café, zitten. De koffie
smaakte wonderwel en we leggen een kaartje om de tijd te doden. Om half 11 zijn
we weer bij de bus die vol blijkt te zitten met gedeporteerde Hondurezen die per
vrachtwagen hebben geprobeerd de Amerikaanse grens over te steken. Om 23.15 is
de bus nog steeds niet vertrokken en wij informeren maar eens hoe laat ie
vertrekt. 23uur wordt ons verteld. We vragen dan maar hoe laat het is. 22.15 is
het antwoord en we passen daarop onze horloges maar eens aan.
We hangen nog wat rond in het grensdorpje wat er uit ziet als een sloppenwijk.
Overal rottende resten waarvan wij niet kunnen achterhalen wat het ooit geweest
kan zijn en het stinkt er naar een vuilnisbelt. De bus vertrekt.
Opgekruld in te kleine stoeltjes proberen we een beetje te slapen. Dit valt niet mee. Na een paar tussenstops arriveren we doodmoe in Guatemala stad. Het lawaai, de drukte, de troep en de stank trekken ons niet om hier te blijven. We besluiten om zo snel mogelijk door te reizen naar Honduras. De bus vertrekt vrijwel direct. Onderweg zien we weer de meest mooie landschappen. Bij elke bushalte stapt er wel een verkoper in. De ene met meloenen de ander met bananenchips of appelflappen. Armoede hier zoveel is duidelijk. Een van de gedeporteerde mannen uit de vorige bus zit ook nu weer bij ons in de bus. We raken aan de praat en hij stelt zich op als beschermengel. Met hulp van hem worden we niet opgelicht bij de taxi en het wisselen van geld aan de grens met Honduras, waar we om 12 uur aankomen. We nemen afscheid nadat hij ons nog van de nodige tips heeft voorzien. Per ouderwetse Amerikaanse schoolbus laten we ons vervoeren naar Nueva Ocotepeque waar we een hotel opzoeken. Nu eerst slapen en dan zien we wel verder.
We slapen zoveel mogelijk. Eten als we wakker zijn en nemen een rustdag.